Design trends

Welke interieurstijl past bij jou? 8 stijlen en een zelftest

Lichte Woonkamer In Een Mix Van Japandi En Warm Minimalisme

Welke interieurstijl bij je past, hangt vooral af van drie dingen: hoeveel spullen je graag rond je hebt, of je naar warme of koele kleuren trekt en hoeveel slijtage en onderhoud je aanvaardt. Wie rust en lege vlakken zoekt, komt meestal uit bij Japandi, Scandinavisch of warm minimalisme; wie van karakter, verzamelen en patina houdt, bij industrieel, boho of mid-century modern. Hieronder staan 8 interieurstijlen kort uitgelegd, gevolgd door een zelftest van 5 vragen en tips om twee stijlen te mengen.

Rustig en natuurlijk: Japandi, Scandinavisch en wabi-sabi

Eerst een woord over termen. In de winkel lopen “modern” en “hedendaags” vaak door elkaar, terwijl ze iets anders betekenen: het ene is een afgesloten periode, het andere verandert mee met de tijd. Het verschil lees je in ons artikel over hedendaags versus modern interieur. De acht stijlen hieronder zijn wel duidelijk afgebakend.

Japandi

Japandi combineert Japanse eenvoud met Scandinavische gezelligheid en werd vanaf ongeveer 2017 een vaste term. Je herkent het aan lage meubels, lichte eik met een paar donkere accenten, een gedempt palet van zand, klei en salie, en veel gesloten opberging. Decoratie blijft beperkt tot enkele handgemaakte objecten. Wie de basis wil kennen, leest wat een Japandi interieur precies is.

Scandinavisch

Scandinavisch design groeide tussen de jaren 1930 en 1960 uit het functionalisme in Denemarken, Zweden en Finland. Lange, donkere winters verklaren de witte muren, lichte houtsoorten zoals berk, beuk en eik, en de focus op zoveel mogelijk daglicht. Textiel, kaarsen en wol zorgen voor het gevoel dat de Denen hygge noemen. Alles over het palet en de meubels staat in onze uitleg over het Scandinavisch interieur.

Wabi-sabi

Wabi-sabi is eerder een Japanse levensvisie dan een stijl, geworteld in de theeceremonie van de 15e en 16e eeuw. Het waardeert het onvolmaakte en het vergankelijke: kalkmuren met wolkjes, gekreukt linnen, keramiek met een scheve rand en hout dat mag verouderen. Kleuren zijn aards en gedempt, het aantal spullen klein. Hoe je die gedachte vertaalt naar een woning, beschrijven we in ons artikel over wabi-sabi.

Industriële Eethoek Met Cognacleder En Een Mid-Century Dressoir

Stoer en retro: industrieel en mid-century modern

Industrieel

De industriële stijl komt uit de verbouwde fabriekslofts van New York in de jaren 1970 en 1980. Kenmerkend zijn baksteen, beton, zwart staal, gerecupereerd hout en cognackleurig leder. Denk aan een eettafel met een massief blad op een stalen onderstel, barkrukken aan het keukeneiland en een zetel die gebruikt mag ogen. Welke materialen en kleuren het beeld maken, lees je in onze gids over het industrieel interieur.

Mid-century modern

Mid-century modern verwijst naar het meubeldesign van ruwweg 1945 tot 1970. Organische vormen, taps toelopende poten, lage dressoirs en warm hout zoals teak en walnoot bepalen het beeld. Het palet mag uitgesproken zijn: oker, olijfgroen, petrol en roestbruin. Meer over de herkomst en hoe je de stijl vandaag toepast zonder museumsfeer vind je in ons artikel over mid-century modern.

Warm en eigenzinnig: boho, modern landelijk en warm minimalisme

Boho

Boho, kort voor bohemian, gaat terug op de vrije levensstijl van de jaren 1960 en 1970. Lagen textiel, patronen, planten, manden en objecten van reizen maken het interieur persoonlijk. Terracotta, oker en warm bruin zijn de basiskleuren. Het risico is rommel, en hoe je dat vermijdt, staat in ons stuk over het boho interieur.

Modern landelijk

Modern landelijk is in België al jaren een van de populairste stijlen. Robuuste eiken tafels, diepe zetels in linnen of bouclé, greige muren en zwarte accenten bij kranen, lampen en kaders. Het oogt gezellig zonder oubollig te worden. Praktische voorbeelden vind je in ons artikel over modern landelijk wonen.

Warm minimalisme

Warm minimalisme houdt de rust van het minimalisme, maar laat de koude witte vlakken van de jaren 2000 achter zich. Weinig spullen, wel zachte rondingen, beige, zand en karamel, en natuurlijke materialen zoals hout, linnen en travertin-achtige steen. Elk stuk krijgt ruimte. Hoe je dat thuis bereikt, lees je in ons artikel over warm minimalisme.

Zelftest: welke interieurstijl past bij jou?

Beantwoord de vijf vragen en noteer telkens de stijlen achter je antwoord.

  1. Wat staat er op je dressoir? Bijna niets (Japandi, warm minimalisme). Twee of drie gekozen objecten (Scandinavisch, mid-century modern). Boeken, planten en souvenirs (boho, modern landelijk).
  2. Welk palet trekt je aan? Zand, klei en beige (Japandi, wabi-sabi, warm minimalisme). Wit, lichtgrijs en pastel (Scandinavisch). Zwart, cognac en antraciet (industrieel). Oker, olijf en petrol (mid-century modern, boho).
  3. Welk materiaal wil je aanraken? Geolied hout en linnen (Japandi, wabi-sabi). Staal en leder (industrieel). Velours en walnoot (mid-century modern). Massieve eik en bouclé (modern landelijk).
  4. Hoe ziet je ideale zondag eruit? Lezen in stilte (Japandi, warm minimalisme). Lang tafelen met familie aan een tafel voor acht (modern landelijk). Vrienden, muziek en een late avond (boho, industrieel).
  5. Een kras in je tafelblad? Hoort erbij, dat is leven (wabi-sabi, industrieel). Liever niet, ik hou van strak en nieuw (warm minimalisme, Scandinavisch).

De stijl die je drie keer of meer noteert, is je basis. Komt een tweede stijl twee keer terug, dan is dat je accentstijl. Verspreid over vier of meer stijlen? Dan voel je je wellicht thuis in een eclectische mix, en dan wordt kleur het bindmiddel.

Twee stijlen mengen zonder chaos

De meeste interieurs zijn geen zuivere stijl, en dat hoeft ook niet. Een paar regels houden het rustig. Werk met een verhouding van ongeveer 80/20: één stijl bepaalt de grote stukken (zetel, eettafel, kasten), de tweede komt terug in stoelen, verlichting en decoratie. Zoek daarnaast een gemeenschappelijke noemer, zoals een houtsoort of een kleur die in beide stijlen voorkomt. Modern landelijk en industrieel delen het zwart; Japandi en warm minimalisme delen het beige en de lage lijn. Japandi zelf is trouwens het bekendste voorbeeld van een geslaagde mix, en waar het precies afwijkt van zijn Noordse helft zie je in onze vergelijking van Japandi en Scandinavisch. Wil je Japandi als accent in een bestaand interieur, dan geven onze praktische tips om Japandi in huis te brengen een goede start. Beperk je tot twee stijlen en één kleurenpalet; hoe je dat palet opbouwt, lees je in ons artikel over kleuren combineren.

Woonkamer Die Modern Landelijk En Industrieel Combineert

Veelgestelde vragen

Wat is de populairste interieurstijl in België?

Modern landelijk blijft zeer gevraagd, maar Japandi en warm minimalisme winnen terrein, vooral bij wie nieuw bouwt of verbouwt en graag rust in huis wil.

Kan ik van stijl veranderen zonder alles te vervangen?

Ja. Begin bij de dingen die snel wisselen: kussens, tapijt, verlichting en één of twee stoelen. Een neutrale zetel en een eiken tafel passen in bijna elke stijl.

Hoeveel stijlen mag ik combineren?

Hou het bij twee. Een derde stijl kan in een klein detail, maar vanaf drie gelijkwaardige stijlen verliest de ruimte haar samenhang.

Stijlen voelen en vergelijken in de toonzaal

Een stijl kiezen gaat makkelijker als je hem ziet staan. In de toonzaal in Londerzeel (Mechelsestraat 181, langs de A12, ook op zondag open) vind je zetels, tafels en kasten in verschillende stijlen naast elkaar, en we leveren en monteren zelf. Online bekijk je alvast alle woonmeubelen.

Lees ook

Bekijk alle woonmeubels